• Hele en halve leugens

    Leugenaar.

    Dat zou beoogd informateur Hans Wijers over VVD-frontvrouw Dilan Yesilgöz hebben gezegd.

    Een beschuldigende term die in de politieke arena tot allergische reacties leidt. Zeker wanneer er kort na de verkiezingen pogingen moeten worden gedaan om het zo node gemiste vertrouwen tussen partijen en personen op een enigszins aanvaardbaar niveau terug te krijgen. Dat juist die term tot oververhitting leidt, is overigens zeer merkwaardig. Want het is onder politici toch de gewoonte om de waarheid tot verre grenzen op te rekken. Een ook het tactische campagneleugentje leidt in Den Haag allang niet meer tot wenkbrauwgefrons.

    Niettemin is het in die kringen ‘not done’ elkaar voor leugenaar uit te maken. Er kan naar hartenlust worden gegrossierd in allerlei vormen van rotte vis, maar iemand betichten van onwaarheden leidt onvermijdelijk tot adrenalinestoten en verbaal geweld. Zelfs van lieden die totaal niet aangesproken zijn. De gehele Haagse kongsi is klaarblijkelijk in rep en roer en de algehele stemming is compleet verstierd.

    Dat later vandaag blijkt dat de betreffende informateur die terminologie helemaal niet heeft gebezigd, doet al helemaal niet meer ter zake. Het klimaat is inmiddels dusdanig verpest dat de, naar later blijkt, wel gebezigde term ‘feeks’ voor Yesilgöz onvermijdelijk tot het terugtreden van de heer Wijers leidt. Alsof er niet dagelijks zwaardere beledigingen bon ton zijn voor de dames en heren politici. Alsof de Staten Generaal een veilige haven van fatsoen en wellevendheid vormen. De Haagse bubbel hangt nu eenmaal aan elkaar van hele en halve leugens.

    Wat misschien wel de verklaring is voor de hartgrondige afkeer voor de term ‘leugenaar’. Iedereen voelt zich direct aangesproken.

  • Midden

    Heb in al mijn jaren nog nooit zoveel politici in zo weinig dagen gezien. De televisie rookt bijna van een ongekende lijsttrekker-dichtheid. Ze berijden allemaal hun gekende stokpaardjes. En ze benadrukken allen de verschillen met de andere partijen. Vanzelfsprekend in hun eigen voordeel. Obstakels voor toekomstige samenwerking worden opgeworpen, coalitiegenoten worden bij voorbaat uitgesloten. Allemaal voor de bühne, omdat de uiteindelijke regeringssamenstelling feitelijk al vastligt.

    De blonde roerganger heeft zich daar al bij neergelegd, al beweert hij te vuur en te zwaard dat zijn partij straks de grootste zal zijn en andere partijen niet om hem heen zullen kunnen. En als ze dat wel doen, dat ze dan ondemocratisch handelen. Waar die bewering op gestoeld is, blijft volkomen onduidelijk. Dat de partijen die ertoe doen, hem gaan uitsluiten, staat ondertussen wel vast. Wie gaat immers nog weer in zee met de meest onbetrouwbare – en belangrijker nog: de meest onbekwame – partij van de hele Tweede Kamer? Het antwoord: niemand met z’n volle verstand.

    En dus gaat het deze keer niet over rechts of links, maar door het midden. GL-PvdA, D’66, CDA en VVD kunnen elkaar met alle mogelijke energie bestrijden, maar zullen na 29 oktober toch echt hun overeenkomsten moeten zoeken. Wat er nu gebeurt, is weinig meer dan de opmaat van de onderhandelingen die eind deze week zullen beginnen. In die zin is de hele campagne een nauwelijks interessant toneelstuk.

    Maar goed, het volk wil vermaakt worden en daar doen de dames en heren politici graag aan mee.
    En de talkshows.
    En de zetelpeilers, de politieke duiders en verdere analisten.
    Verkiezingen zijn een verdienmodel geworden. En het is duidelijk wie uiteindelijk de noodzakelijke gelden moeten opbrengen.

    In die zin zijn de debatten onvermijdelijk.

    Helaas.