• Integriteit

    De grondwettelijke vrijheden vormen een belangrijk fundament in democratische beschavingen. Daar is vrijwel iedereen het over eens. En we maken daar met z’n allen, zeker ook in Nederland, graag gebruik van. Terecht, want ondanks soms stevige en excentrieke opvattingen, staat één ding boven water: diezelfde democratie moet tegen een stootje kunnen. En dat blijkt in de praktijk ook het geval.

    Niet geheel verwonderlijk maken ook lieden op de extreme flanken van het politieke spectrum volgaarne gebruik van deze grondwettelijke rechten. Meestal met het doel iets in de maatschappij op te schudden of om een discussie de gewenste kant op te sturen.

    Merkwaardig genoeg zijn diezelfde lieden een stuk minder enthousiast als ze zelf het onderwerp in dit soort discussies zijn. Ogenblikkelijk veranderen ze van rol: onderwerp wordt lijdend voorwerp. En vol ergernis wordt er vervolgens geklaagd over de rol van de media, de oneigenlijke redenaties van tegenstanders of de malversaties van politieke of maatschappelijke opponenten.

    Eerder liet de blonde roerganger zich al van z’n kinderachtigste zijde zien toen Trouw een kritische beschouwing over hem had gepubliceerd. Het enige partijlid riep z’n achterban op de eventuele abonnementen op het dagblad op te zeggen. Hoe kleingeestig.

    En nu is de 3xB onderwerp van discussie. Vanwege het negatieve advies dat de Raad van State uitbracht over de landbouwplannen van ‘’Us Femke’, opende de agrarische sloopkogel ongegeneerd de aanval. De Raad van State zou een hoog D’66-gehalte hebben en bovendien veel te politiek opereren. Let wel: we praten hier over het hoogste adviescollege van Nederland, wier positie in de Grondwet is verankerd. Kortom, de bijl aan de wortel van de rechtstaat.

    Toen de voorvrouw van Triple B vervolgens kritisch werd bevraagd over deze onterechte attaque, vond ze dat haar kritiek best geoorloofd is. En dat de Tweede Kamer een grote rol zou moeten spelen bij de benoeming van de leden van de Raad. Hoezo, té politiek? En gevraagd of ze een D’66-benoeming zou ondersteunen, bleek Carolientje krijgt nooit genoeg ervan, in haar wiek geschoten. De vraag beschouwde ze als een aanval op haar integriteit. Dat ze even daarvoor de integriteit van de gehele Raad van State ter discussie had gesteld, was blijkbaar een vraagstuk van gans andere orde.

    Grondwettelijke vrijheden gelden klaarblijkelijk voor iedereen. Allen voor sommigen wel meer dan voor anderen.

  • Interpunctie

    De minister heeft ferme plannen. En lijkt niet van zins zich door wie dan ook van de uitvoering daarvan te laten afbrengen. Om een en ander kracht bij te zetten en om haar eigen struise imago verder te stutten, kiest ze voor een volstrekt eigen idioom. Een idioom waarin begrippen als ‘medemenselijkheid’, ‘empathie’ en ‘morele waarden’ in ieder geval geen plaats lijken te hebben.

    Bovendien heeft de minister zich een spreekwijze aangemeten, die doet vermoeden dat de interpunctie van haar zinnen op de een of andere manier op enig moment is gaan afwijken van regulier Nederlands. Een afwijking die overigens meer partijgenoten schijnen te hebben ontwikkeld. Maar toegegeven, deze minister heeft de meest uitgesproken variant daarvan tot bloei gebracht. Zij spreekt in zinnen als: “Want dit is. Nederland. En wij zijn. Nederlanders. En we moeten. De stroom. Aan gelukzoekers. Met alle middelen. Indammen”.

    Dat uitgangspunt zorgt ervoor dat ze dag en nacht onvermoeibaar in de weer is om de dreigende tsunami aan asielzoekers drastisch te beperken en voor haar is geen moeite teveel om het strengste asielbeleid ooit tot wasdom te laten komen. En met dat hoge ideaal voor ogen, geeft het natuurlijk geen pas om je te laten afleiden door triviale zaken als ambtelijke adviezen, rapporten van de Raad van State, negatieve consultaties door de inspectie en anderszins ongetwijfeld goedbedoelde ruis. Kritiek op die solitaire wijze van handelen wordt dan ook eenvoudig maar doeltreffend afgedaan met drie woorden:

    “Ik ben beleid”.