Gisteravond naar de uitzending over Lowlands gekeken. En gelijk tot de conclusie gekomen dat festivals wel heel erg van karakter zijn veranderd. Dit zijn ‘belevingsmomenten’ geworden, met yoga, literatuur, mindfulness en nog veel meer. Het heeft niets meer met het vroegere bierzuipen en wietroken te maken. Het een is overigens niet beter dan het ander. En dat geldt ook voor de muziek. Totaal onbekende artiesten, althans voor mij. Maar ik behoor dan ook niet tot de doelgroep. Ik word geacht naar de bejaardenbingo te gaan.
-
Lowlands [1]
Popfestival Lowlands is begonnen. Ruim zestigduizend – merendeel jonge – mensen bijeen om te genieten van muziek. En hopelijk ook van elkaar. Volgens menig bezoeker is dit het meest verdraagzaamste, zachtmoedigste van de vele festivals. Een revival van het overbekende Woodstock, zo men wil.
Een vlucht uit de werkelijkheid? Het bewust de ogen sluiten voor de harde realiteit van dit moment? Flagrante naïviteit? Ach, misschien wel. Maar hebben we niet allemaal van dit soort momenten nodig? Vertonen we niet allen vergelijkbaar vluchtgedrag? En wat is daar mis mee? Wanneer we de hoop op een, in ieder geval iets, betere wereld verliezen, verliezen we in feite alle hoop. Daarom is het belangrijk deze momenten, deze festivals te hebben, te koesteren. Momenten dat de wereld in ieder geval een klein beetje beter lijkt. Al is het dan ook maar voor drie dagen.
