• Problemen

    Gedachten zijn niet onder controle te houden, dat blijkt maar weer. Het is Eerste Kerstdag en om de een of andere duistere reden moet ik ineens aan Gerrit Achterberg denken. Een waarlijk groots dichter, maar als mens iemand die we moeilijk als ‘brenger van het licht’ kunnen kwalificeren. Een man met behoorlijke geestelijke problemen, die bovendien moeilijk van de fles af kon blijven. Tel daarbij op een voorkeur voor jonge vrouwen, meisjes eigenlijk, en je hebt een panklaar recept voor een hoop ellende.

    Wat dan ook onvermijdelijk gebeurde. Op 15 december 1937 vergreep hij zich aan de dochter van zijn hospita. De moeder wist een en ander te voorkomen, maar werd vervolgens door Achterberg doodgeschoten. Gevolg: een langdurige gevangenisstraf en tbs. Pas in 1955 kwam hij weer helemaal vrij.

    Achterberg had een merkwaardige verbinding met vrouwen en de dood, zoals wel blijkt uit het volgende gedicht:

    Een vers, dat overduidelijk tijdens een van zijn opnames in een psychiatrische inrichting tot stand is gekomen.

    Achterberg trouwde in 1946 – dus tijdens zijn tbs – met jeugdvriendin Cathrien van Baak, een NSB-er en ex-minnares van een SS-er. Twee mensen die ongetwijfeld de nodige schade hebben opgelopen. Het huwelijk werd overschaduwd door drankzucht.

    Achterberg overleed in 1962. Hij liet een prachtig oeuvre en een zeer ongemakkelijk gevoel na.