Eind van de morgen rijd ik weg van Groenestein. Ik word tegen drieën in Wageningen verwacht voor een boekpresentatie van mijn inmiddels goede vriend Wim Huijser. Dat boek heeft, hoe kan het bijna anders in Wageningen, alles te maken met de rol van Hotel De Wereld bij de Duitse capitulatie, ruim tachtig jaar geleden.
Wim en zijn twee mede-auteurs, hebben er een behoorlijke kluif aan gehad. Urenlange, zeg maar dagenlange gesprekken en tientallen archiefdozen dienden te worden doorstaan voordat de ruwe versie op papier kwam. Met als voortdurende ‘cliffhanger’: is De Wereld werkelijk het geëigende decor voor de jaarlijkse herdenking en aanverwant eerbetoon? Voor zover ik dat tot nu toe heb begrepen, bleek dat allemaal kantje boord.
Uiteraard ben ik veel te vroeg in Wageningen. Ik parkeer de auto aan de Generaal Foulkesweg (hoe toepasselijk) en wandel naar het centrum. Gelukkig heb ik ampel tijd om in het hotel snel een uitsmijter weg te werken. Ik gooi juist m’n servet neer als Wim ten tonele verschijnt. We groeten elkaar hartelijk, maar veel tijd voor ‘chitchat’ is er uiteraard niet.
Later, na enkele interessante en bondige – en eerlijk gezegd ook vervelende en langdradige – betogen, wordt het onderhavige boek overhandigd aan Floor Vermeulen, burgemeester van Wageningen. In de gelukkige omstandigheid dat ‘zijn’ stad onverkort de ‘bevrijdingsstad’ van Nederland is gebleven. Aansluitend volgt een keur aan koetjes en kalfjes. Ik grijp mijn exemplaar van Wim’s boek, groet hem snel in het voorbijgaan en zoek de auto weer op. Uiteraard raak ik bij Arnhem in de file; die stad is altijd al een spelbreker geweest.
